zaaimengsels

Snelle en massale kleurexplosies.

Zaaimengsels bieden een geweldige mogelijkheid om de mooiste inheemse bloemenweides te maken. Ze zijn uitermate geschikt voor ecologisch groenbeheer en kunnen worden toegepast in tuinen en parken. Ook is uitstekend rendement te halen voor vlinders, bijen en vogels wanneer braakliggende (bouw-) terreinen als tijdelijke natuur worden ingezaaid. Ook kunnen groendaken worden ingezaaid met speciale dakmengsels waarmee de belangrijke biodiversiteit van planten en dieren in onze omgeving kunnen worden vergroot. Aan de volgende toepassingen kan worden gedacht:

Bloemenweidemengsels

Voor het verkrijgen van natuurlijk ogende bloemenvegetaties. Hierbij valt te denken aan éénjarige akkerbloemen, ruderale mengsels, een bloemrijk grasland met meerjarige of vaste plantensoorten, een oevervegetatie, natte terreinen  of een kruidachtige onderbegroeiing onder bomen.

Akkerbloemen zijn meestal eenjarige planten die zich door de eeuwen heen hebben gespecialiseerd in het gedijen in akkers. Soorten als klaproos, korenbloem en gele ganzenbloem kunnen uitstekend samengroeien met landbouwgewassen als granen. Deze pionierssoorten hebben dan ook een jaarlijkse cyclus van grondbewerking nodig zoals op een akker gebruikelijk is. Als deze cyclus doorbroken wordt, zullen de soorten verdwijnen. Ze zijn bij  uitstek geschikt op percelen en in randen in bewoond gebied of tuinen en parken , voor een kleurrijke toevoeging aan het groen. Op een relatief eenvoudige wijze kan een uitbundige bloemenzee gecreëerd worden. Ze kunnen in principe op elke grondsoort worden toegepast.

Ruderale mengsels zijn met name bedoeld voor het zaaien in bewoond gebied op plaatsen waar redelijk snel een kleurrijke vegetatie gewenst is en kan dan ook uitstekend voor ‘tijdelijke natuur'” worden ingezet. Het wordt gekenmerkt door zijn weelderige karakter. De mengsels zijn minder geschikt voor de toepassing in het buitengebied en zéker niet voor natuurontwikkeling.

Van bloemrijk grasland spreken we als er sprake is van een weide waarvan de grond nauwelijks wordt verstoord en waarin naast grassen ook veel meerjarige bloemen voorkomen. Dit grasland wordt jaarlijks één tot twee keer gemaaid en heeft een relatief schrale bodem, of is voedselrijk maar jaarrond zeer vochtig. Op iedere plek waar een gemaaide grasvegetatie is, of is gepland, kan in principe een bloemrijk grasland aangelegd worden.  In tuinen en parken kan bloemrijk grasland aangelegd worden als zelfstandige bloemenweide, maar ook als onderbegroeiing van een fruitboomgaard, als oeverbegroeiing en als moerasvegetatie. Doordat er op het bloemrijk grasland een verschralingsbeheer wordt toegepast kan de maaifrequentie worden teruggedrongen tot één à twee maal per jaar. Een mooie vegetatie is te maken door bloemrijk grasland met voor verwildering geschikte voorjaarsbloeiende bol- en knolgewassen te combineren. De vroege bloei van de bollen en knollen wordt opgevolgd door een bloeiende kruidenvegetatie. Terwijl het loof van de bollen en knollen  afsterft staat de weide opnieuw in volle bloei. Het afsterven van het loof is van belang voor de bloei van de bollen en knollen in het volgende jaar. Door in de bloemenweide paden wekelijks te maaien kan de bloemenweide optimaal beleefd worden.

Wilde planten kunnen goed toegepast worden als een kruidachtige begroeiing onder bomen en struiken. Niet alleen bossen, maar ook lanen, houtwallen, bosplantsoen en andere schaduwrijke plekken zijn voor een kruidenrijke vegetatie zeer geschikt. Met bollen en knollen, geschikt voor verwildering (zoals stinzenplanten) zijn mooie combinaties te maken. Een kruidachtige onderbegroeiing vormt een essentieel onderdeel van een houtige begroeiing. Onder bomen en struiken is de concurrentie met grassen vaak veel minder, doordat er weinig zonlicht beschikbaar is. Hierdoor hebben bloemen een betere kans. In een structuur van bomen, struiken en kruiden kunnen veel dieren voedsel en schuilmogelijkheden vinden (bron: Cruydthoeck).

Via deze link is het  beplantingsplan voor een tuin in Noordwijk te downloaden.